Veelgestelde vragen

  • V.

    Hoe weet ik of mijn hond KCS heeft?

    A.

    KCS kan het beste in een zo vroeg mogelijk stadium worden vastgesteld, voordat al het traanklierweefsel is afgebroken. De oogaandoening “droge ogen” kent echter verschillende, subtiele verschijningsvormen, vooral in dat vroege stadium. Dierenartsen gespecialiseerd in oogheelkunde raden aan om vrijwel alle pijnlijke ogen te onderzoeken op “droge ogen”, vooral als een hond binnen een periode van 12 maanden vaker dan een keer conjunctivitis of een ooginfectie heeft gehad. Rassen die vatbaar zijn voor KCS worden normaal gesproken regelmatig getest.

  • V.

    Waarom moet ik droge ogen met een speciale zalf behandelen?

    A.

    Een speciale zalf is het enige product dat zowel de onderliggende oorzaak van "droge ogen" aanpakt als de klinische symptomen ervan, zoals roodheid en afscheiding. De zalf stimuleert ook de natuurlijke productie van traanvocht, dat vele functies vervult die niet door kunsttranen kunnen worden overgenomen, bv. bescherming tegen infectie.

  • V.

    Hoelang duurt het voor mijn hond op de oogzalf reageert?

    A.

    De meeste honden vertonen al binnen twee weken na het starten van de behandeling verbetering, maar het kan zes weken duren vooraleer de maximale verbetering in de traanproductie wordt bereikt.

  • V.

    Waarom moet ik de oogzalf blijven aanbrengen als de ogen van mijn hond er al beter uitzien?

    A.

    In de meeste gevallen is “droge ogen” een ongeneeslijke aandoening die levenslange behandeling vereist. Als de ogen van de hond er beter uit gaan zien, betekent dit dat de behandeling aanslaat. Als de behandeling wordt gestaakt, schrijdt het ziekteproces voort, waardoor het traanklierweefsel verder wordt afgebroken en de ogen achteruitgaan. Bij een juiste behandeling blijft het traanklierweefsel behouden en verbeteren de langetermijnvooruitzichten voor de ogen van uw hond.